onderzoek

Dhejne et al. (2011) — Long-Term Follow-Up of Transsexual Persons Undergoing Sex Reassignment Surgery

Zweedse studie (Dhejne, 2011) volgde 324 mensen na geslachtsaanpassende chirurgie: ook daarna bleven sterfte, suïcidepogingen en psychiatrische opnames verhoogd.

De studie Long-Term Follow-Up of Transsexual Persons Undergoing Sex Reassignment Surgery: Cohort Study in Sweden van Cecilia Dhejne en collega's (Karolinska Institutet, gepubliceerd in PLoS ONE, 2011) is een van de langstlopende registergebaseerde follow-ups van mensen na geslachtsbevestigende chirurgie.

Onderzoeksopzet

Het betreft een nationale cohortstudie op basis van Zweedse bevolkingsregisters. De auteurs identificeerden alle personen in Zweden die tussen 1973 en 2003 een juridische geslachtsverandering en chirurgische transitie ondergingen: 324 personen (191 transvrouwen, 133 transmannen). Deze groep werd vergeleken met twee controlegroepen uit de algemene bevolking, gematcht op geboortejaar, en daarnaast vergeleken met controles van het oorspronkelijke geboortegeslacht en het toegewezen nieuwe geslacht. De gemiddelde follow-up bedroeg ongeveer 11 jaar.

Bevindingen

De studie vond dat personen na geslachtsbevestigende chirurgie significant verhoogde sterfte hadden vergeleken met de algemene bevolking, vooral door cardiovasculaire oorzaken en suïcide. De suïcidesterfte lag aanzienlijk hoger dan in de controlepopulatie. Daarnaast was er een verhoogd risico op:

  • suïcidepogingen;
  • psychiatrische ziekenhuisopnames;
  • criminele veroordelingen (met name bij de groep die de transitie voor 1989 onderging).

Conclusies

Dhejne en collega's concluderen dat geslachtsbevestigende chirurgie genderdysforie kan verlichten, maar dat de behandeling onvoldoende is om de aanzienlijke psychiatrische morbiditeit en het verhoogde suïciderisico in deze populatie weg te nemen. Zij pleiten voor verbeterde psychiatrische en somatische nazorg na transitie.

Beperkingen

Belangrijke methodologische beperkingen:

  • Het ontbreken van een vergelijkingsgroep van transgender personen die geen chirurgische behandeling ondergingen, waardoor niet kan worden vastgesteld of de uitkomsten met of zonder operatie beter waren.
  • De gemeten periode loopt deels door tijden waarin maatschappelijke acceptatie laag was; effecten van stigma en sociale context kunnen niet worden gescheiden van directe effecten van transitie.
  • Het cohort is klein in absolute aantallen, met name bij specifieke subgroepen.

Interpretatie

De studie wordt vaak aangehaald door zowel voor- als tegenstanders van medische transitie. Dhejne zelf heeft in latere interviews benadrukt dat de resultaten niet bewijzen dat transitie zelf de oorzaak van de slechte uitkomsten is. Tegelijk staat vast dat de gegevens de claim weerleggen dat medische transitie alle psychische problematiek bij genderdysforie wegneemt. De aanhoudend verhoogde suïcide- en sterftecijfers vragen om langetermijnpsychiatrische zorg en kritische evaluatie van behandelpaden, zeker bij minderjarigen waarvoor nog geen vergelijkbare registerdata beschikbaar zijn.